Snoeiwijzer: E

Elaeagnus (olijfwilg)
De wilde E. angustifolia heeft vaak last van scheefgroei als hij bij harde wind is omgevallen doordat hij te ondiep is geplant. Als u hem aan één kant snoeit, lijkt het alsof hij weer wat beter rechtop staat. Snoei aan de jonge struik de hoofdtak in zodat de struik tot een bossiger model kan uitgroeien. E ebbingei en afgeleide rassen zijn groenblijvend, waardoor snoei bijna niet nodig is. U kunt te ver uitgroeiende takken eventueel inkorten. E. ebbingei is een geënte heester. Dat houdt in dat de onderstam nog wel eens wil uitlopen. Deze uitlopers zijn gemakkelijk te herkennen in de snoeitijd, omdat ze niet wintergroen zijn. Ook in de zomer zijn deze uitlopers goed herkenbaar: de bladeren zijn minder leerachtig en lichter van kleur. U kunt groenblijvende olijfwilgen ook goed met een heggenschaar tot bijvoorbeeld een bol scheren.

Empetrum (kraaiheide)
Deze plant hoeft niet te worden gesnoeid. Jonge twijgjes groeien weer over de oude heen, waardoor de plant er altijd jong en glanzend groen uitziet. Het dichte gebladerte onderdrukt onkruid.

Enkianthus
U hoeft deze struik alleen in zijn jeugd te snoeien zodat hij later een mooi model zal krijgen: laat 3-5 mooi uit elkaar groeiende takken zitten. Later hoeft u slechts een twijg die tegen een andere schuurt te verwijderen.

Erica (dopheide)
Snoei heide na de bloei. Haal dan de uitgebloeide takjes weg. De bloeitij den van de verschillende heidesoorten lopen sterk uiteen. Als u een heidetuin hebt met meerdere soorten, moet u dus in het voorjaar, de zomer en het najaar snoeien. Als de planten oud en stokkig worden, kunt u ze eens een keer volledig afknippen. Knip ze daarbij echter niet te diep weg. Te diep wegknippen gaat bij voorjaarsbloeiende en zomerbloeiende soorten ten koste van de bloei in dat jaar. Erica arborea, boomheide, en Erica carnea, winterheide, behoeven niet te worden gesnoeid.

Erwtenstruik (Caragana)
Van deze smalle, opgaande struik moet alleen een enkele tak bij de basis worden weggesnoeid als hij andere takken raakt. Zaag zo’n tak bij de grond af.

Es (Fraxinus)
Jonge essen moeten jaarlijks gesnoeid worden: te lange zijtakken concurreren met de topscheut. Kort zijtakken daarom op tijd in en zorg ervoor dat geen enkele zijtak boven de top uitgroeit.

Escallonia
Aan deze struik valt weinig te snoeien. Als de takken na een strenge winter zijn ingevroren, moet u ze afknippen.

Esdoorn (Acer)
Snoei takken van esdoombomen voordat de sapstromen halverwege februari weer op gang zijn gekomen. Zomersnoei geeft geen problemen.

Euonymus (kardinaalsmuts)
Het geslacht Euonymus kent vele leden, die niet allemaal op dezelfde manier gesnoeid kunnen worden. U moet de gewone kardinaalsmuts (Euonymus europaeus) jaarlijks in de winter snoeien. Verwijder daarvoor alleen de oudste takken tot aan de grond. De gevleugelde kardinaalsmuts (Euonymus alata) vraagt nauwelijks snoei. U hoeft slechts een paar kruisende takken te verwijderen. Van de groenblijvende klimmende kardinaalsmuts (Euonymus Fortunei) verwijdert u alleen de uitstekende twijgen. Dit kunt u het hele jaar door doen.

Exochorda
Verwijder van deze struik de oudste takken, zodat de struik nieuwe takken kan vormen en jong blijft. Laat de losse groei intact. Snoei bij voorkeur na de bloei in mei.